Eén minuut om te overtuigen

Eén minuut om hem te overtuigen

‘De Nafase?’ vraagt hij weifelend.

‘Ja pap, De Nafase’, antwoord ik.

‘Maar jij doet toch iets met crises enzo? Ga je dan nu iets met begrafenissen doen dan?’

Ik schiet in de lach. Tja, daar sta je dan met je goede gedrag. Eindelijk het besluit genomen om op eigen kracht verder te gaan. Een bedrijfsnaam verzonnen die de lading goed dekt. Een huisstijl laten maken. En een website. En dus ook visitekaartjes. Mijn vader kijkt me enigszins bezorgd aan, het visitekaartje in zijn hand. Hij denkt echt dat ik in begrafenissen ga doen. En die blik ken ik. Dan zoekt hij naar woorden om heel voorzichtig te vertellen dat hij denkt dat ik iets doms ga doen.

Ik denk aan de woorden van een meer ervaren collega: je moet in één minuut duidelijk kunnen maken waar je voor staat. En als er iemand is die moet weten waar ik voor sta en wat ik ga doen, is het mijn vader. Hij is de man die door de jaren heen vierkant achter mij is blijven staan, hoe onbegrijpelijk hij mijn keuzes soms ook vond. Ik wil dat hij dit begrijpt.

Ik haal diep adem en begin:
‘Als er iets ergs gebeurt, bijvoorbeeld een schietpartij in het winkelcentrum of een brand in een druk café, is de ellende niet over op het moment dat de brand uit is en de gewonden naar het ziekenhuis zijn. Voor mensen die daarbij betrokken zijn, begint het dan pas. Ze moeten beter worden. Ze moeten de ellende een plekje geven. Ze willen antwoorden. Ze moeten omgaan met de financiële nasleep van die klap. Kortom, ze zijn beschadigd. Gelukkig hebben we in Nederland afgesproken dat de overheid deze mensen helpt. Maar die overheid heeft vaak zelf ook genoeg aan het hoofd: personeel dat nazorg nodig heeft, media die een schuldige aan willen wijzen, herstellen van eigen schade of hordes onderzoekers over de vloer die willen uitzoeken wat er nu precies gebeurd is en hoe dat zo gekomen is. Dat allemaal tegelijk, als je zelf ook best geschrokken bent, is wel een beetje veel. Ik kan helpen om orde in de chaos te scheppen. Mensen helpen de goede stappen te zetten en de juiste mensen bij de nasleep van de ellende te betrekken. Ik kan dat omdat ik ervaring heb en onderzoek doe naar de nafase van rampen en crises in Nederland. Dát is De Nafase, pap.’

De minuut is om.

Ik kijk mijn vader verwachtingsvol aan.

‘Nou’, zegt hij, ‘eigenlijk ben je nog steeds een hulpverlener dus. En je gaat geen begrafenissen doen. Gelukkig maar, want jij kan helemaal niet tegen kisten. Maar dingen aan elkaar knopen en mensen vertellen hoe je dingen doet, dat doe je al sinds je naar school gaat, dus dat gaat jou wel lukken. Maar dan wel aan de mensen blijven denken voor wie je het doet he? Al dat studeren en onderzoek doen is prima, maar je moet vooral ook de mens Martine inzetten. Nooit vergeten, want dat maakt jou bijzonder. Je weet waar je het over hebt én je bent een gevoelsmens. Trouwens, ik houd je kaartje wel bij me, je weet nooit wie ik nog eens tegen het lijf loop. Wil je thee?’

Hij loopt naar de keuken en ik kijk hem na. Mijn vader gelooft in mij en mijn plannen voor De Nafase. Nu gaat het pas écht beginnen!

Share