Congres zelfredzaamheid: het gaat toch om vakmanschap

Zelfredzaamheid en vakmanschap

Afgelopen week mocht ik als onderzoeker/deskundige een bijdrage leveren aan het landelijke congres zelfredzaamheid in Zwolle, georganiseerd door het IVF – Infopunt Veiligheid. Bijzonder aan de opzet van het congres was, dat er veel ruimte was voor burgers en hun verhaal. Er zaten zeer inspirerende dingen bij. Ik was samen met Desiree Lesger van Impact aanwezig bij drie themasessies waarin een zelfredzame burger centraal stond.

De eerste sessie draaide om een bewoner van een gebied dat met enige regelmaat onbereikbaar wordt omdat de toegangsweg onder water loopt. Hoe gaan bewoners om met dit gegeven? Wat is de rol van de overheid hierbij?

De tweede sessie draaide om brandweervrouw en buurtbrandwacht Greet Knol die zich in haar eentje verantwoordelijk voelt voor preventie in haar gemeente. Waar andere collega’s afhaakten, zet Greet haar missie om branden te voorkomen, voort. Vanuit de zaal werd veel meegedacht in het in beweging krijgen van de andere korpsleden om preventie ook bij hen op het netvlies te krijgen. Ondanks de soms ronduit benoemde tegenstand, zet Greet door. Gesteund door haar burgemeester die niet geheel toevallig ook aanwezig was. Mooi om te zien hoe iemand zo door passie gedreven wordt!

In de derde sessie stond Inge Menninga van de Zwolse Gehandicaptenraad centraal. Zij vertelde over haar inzet om hulpverleners duidelijk te maken dat dé gehandicapte niet bestaat. Zij vertelde over de oefeningen van hulpverleners met ‘gehandicapte oefenobjecten’. ‘Zo’n pop van 25 kilo zegt geen ‘auw!’ als er een voet klem zit. En de gemiddelde gehandicapte weegt ook al geen 23 kilo. En weet je wat er gebeurt als je de rolstoel vergeet op de rem te zetten? Je wilt het niet weten. En veel gehandicapten kunnen echt wel een paar passen lopen naar de trap ofzo. Maar dan heb je beneden wel een probleem. Het zijn van die kleine dingetjes die je even moet weten he,’ betoogt Menninga. Geconcludeerd wordt dat juist de objecten die de zelfredzaamheid van gehandicapten in het dagelijks leven vergroten, in crisistijd juist sterk verminderen. Er was alom herkenning bij de aanwezige brandweermensen van het beeld van galerijen vol scootmobielen en geblokkeerde gangen met rollators. Maar hoe verander je dit dan? Geopperd wordt het Canada-model: de overheid is verantwoordelijk voor de ruimtelijke inrichting van de woning. Een minder verstrekkende oplossing zou kunnen zijn een plaatje bij de voordeur waarmee voor hulpverleners duidelijk is wat ze binnen kunnen verwachten.

De drie vrouwen gingen niet met hét ei van Columbus de deur uit, maar hadden wel weer veel nieuwe ideeën opgedaan voor hun werkzaamheden. De andere aanwezigen raakten geïnspireerd door de initiatieven van de vrouwen. Onze rol bestond vooral uit het toelichten van de mogelijkheden en de onmogelijkheden van de overheid.

Aan het eind van de dag mocht ik in de paneldiscussie met o.a. de burgemeesters van Zwolle en Losser mijn ervaringen delen. In a nutshell: Als het niet kan zoals het moet, moet het zoals het kan. We moeten weer leren vertrouwen op het vakmanschap van hulpverleners op straat en hen de ruimte geven die ze nodig hebben om hun werk te doen. Dat doen we niet met extra regels. Dat gezegd hebbend, moet je je ook realiseren dat er wel echt een cultuuromslag moet komen om dát te bewerkstelligen. Maar goed, je moet jezelf inspirerende doelen stellen he!

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *